Partneralimentatie naar vijf jaar

De Eerste Kamer heeft op 21 mei 2019 ingestemd met een beperking van de maximale duur voor partneralimentatie. Op dit moment kan iemand nog maximaal twaalf jaar lang een bijdrage krijgen van zijn of haar ex-partner voor het levensonderhoud. Vanaf 2020 is bepaald dat partneralimentatie wordt overeengekomen voor de helft van de huwelijksperiode, met een maximum van vijf jaar.

Uitzonderingen
Er is een aantal uitzonderingen overeengekomen waardoor de termijn langer kan zijn:
- Als je samen jonge kinderen hebt, eindigt het recht op partneralimentatie als het jongste kind twaalf jaar wordt;
- Als je langer dan vijftien jaar getrouwd bent geweest en binnen tien jaar de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt, loopt de alimentatieverplichting minimaal tot aan de AOW-leeftijd;
- Wanneer je op of vóór 1 januari 1970 bent geboren en pas over meer dan tien jaar AOW krijgt, én je langer dan vijftien jaar getrouwd bent geweest, bedraagt de alimentatieduur maximaal tien jaar.

Overigens houdt de rechter in schrijnende gevallen altijd het laatste woord. De mogelijkheid om in die gevallen een langere termijn dan vijf jaar toe te wijzen blijft bestaan. Daarnaast houden partners ook de mogelijkheid om zelf in onderling overleg een andere termijn af te spreken.

Weinig toegekend
Uit een recent onderzoek van het CBS blijkt overigens dat partneralimentatie relatief niet veel voorkomt. In slechts 17% van alle echtscheidingen wordt partneralimentatie toegekend. In verreweg de meeste gevallen kunnen beide partners ook na ontbinding van het huwelijk in hun levensonderhoud blijven voorzien, of is het inkomen van de meestverdienende partner onvoldoende om ook aan de ex-partner af te dragen.